Verslag Dutch Seeds Debate 2016

May 2 Mauritshuis Den Haag

Read the full report in English

 

 

“Wat kan uw organisatie doen, om kleine boeren in ontwikkelingslanden te steunen?” Dat is de kernvraag tijdens het Dutch Seeds Debate op 5 april 2016 in Den Haag. De debatsessie is onderdeel van de campagne “Small Farmers, Big Deal”, die bedrijven aan boeren wil koppelen. Nederlandse zaadbedrijven kunnen veel betekenen voor kleine boeren. Dat is hun uitdaging voor de toekomst. Boeren in ontwikkelingslanden hebben goede kwaliteit zaden nodig om hun opbrengsten te vergroten. Betere zaden zijn belangrijk, maar dit sorteert alleen effect in combinatie met verbeterde landbouwtechnieken en services zoals financiële ondersteuning en hulp bij het vermarkten van gewassen en het controleren van kwaliteit.

 

Sterke landbouw, moderne economie

Nederlandse bedrijven die boeren steunen door naast betere zaden ook kennis uit te wisselen, dragen nadrukkelijk bij aan de transitie van ontwikkelingslanden naar een moderne en toekomstbestendige economie. “Een sterke landbouwsector is daarvan de hoeksteen”, zegt Ido Verhagen, executive director van de Access to Seeds Index (ASI). “Het bedrijfsleven in de zadensector is nu aan zet om samen met lokale boeren en hun organisaties een agrarische structuur op te bouwen.”

 

De ASI is een initiatief van de gelijknamige stichting die wordt gesteund door de Nederlandse Ministeries van Economische Zaken en Buitenlandse Zaken en door de Bill & Melinda Gates Foundation. De index verscheen in februari voor het eerst. “Daaruit blijkt dat gecertificeerde bedrijven slechts 2,4 procent van de zaden leveren die kleine boeren kopen”, zegt Kees Blokland, CEO van Agriterra en gastheer van de debatsessie. “Dat percentage moet omhoog. Bedrijven moeten samenwerken met boeren en hun coöperaties om in toekomstige edities hoger op deze index te komen.”

 

Betaalbare kwaliteit zaden

Ook Verhagen vindt dat er nog veel voor verbetering vatbaar is. “Op dit moment is de beschikbaarheid van groentezaden beperkt en is de kwaliteit en de variëteit onvoldoende. Als dat verbetert en die zaden komen tegen betaalbare prijzen beschikbaar, dan kunnen boeren via verbeterde teelttechnieken hun opbrengsten enorm vergroten.”

 

Dat komt zowel de economie als de bevolking ten goede, vindt Maaike Groot van zaadveredelaar East West Seeds. “Een grotere oogst aan groenten betekent kansen voor boeren – met name jongeren en vrouwen – en het zorgt voor een betere beschikbaarheid van gezonde voeding. Want veel mensen in ontwikkelingslanden zijn structureel ondervoed. Dat veroorzaakt veel gezondheidsproblemen en het remt de ontwikkeling van het land en de samenleving.”

 

Informele structuren

Het is volgens Marja Thijssen, Senior Adviseur Agrobiodiversiteit en Zaaizaadsystemen bij Wageningen UR niet eenvoudig om betaalbare zaden van goede kwaliteit in de juiste hoeveelheden en op het juiste moment aan boeren ter beschikking te stellen. “Voor zaden die vrij eenvoudig zelf zijn te vermeerderen, hebben boeren informele structuren opgezet om onderling zaden uit te wisselen. Verbeterd zaad dat nodig is voor het verbouwen van gewassen als tomaten of komkommers, kopen ze vaak in via de formele kanalen. En dan is er vaak ook nog een tussenvorm van zaden – zoals voor uien of bonen – die door de boerencoöperaties voor hun leden worden vermeerderd.”

 

Het bedrijfsleven kan het best samenwerken met de coöperaties om de vermenigvuldiging en verdeling van zaden te begeleiden. “Denk aan het houden van zaadbeurzen voor boeren, waarbij de kwaliteit ook kan worden gecontroleerd”, zegt Giel Ton, Senior Onderzoeker aan LEI Wageningen UR. “Ook kunnen bedrijven kleine pakketjes verbeterde zaden samenstellen die betaalbaar zijn voor kleine boeren.”

 

Boeren zijn zelfstandig ondernemers

Betaalbaarheid is zeer belangrijk, want boeren moeten zich onafhankelijk kunnen ontwikkelen. “Daarom is onafhankelijkheid een van de zes toegankelijkheidscriteria van de ASI”, zegt Verhagen. “Boeren mogen niet financieel afhankelijk worden van hun zaadleverancier. Ze moeten zich als zelfstandig ondernemers kunnen ontwikkelen.”

 

“Dat is ook de manier waarop wij in projecten samenwerken”, stelt Erik Juckers, R&D Manager bij Bakker Brothers Seeds. “Zo hebben we in Zimbabwe 5000 kleine boeren, waarvan de helft vrouw is, een goede training gegeven in teelttechnieken, financieringsmogelijkheden, marktbewerking en de voedingskundige waarde van droge bonen. Ze kregen elk een zak bonenzaad mee die door andere, door ons opgeleide boeren zijn vermeerderd. In het tweede jaar komen ze terug en gaan ze van hun opbrengsten de investering terugbetalen.”